0174 Expo

Op het eerste gezicht lijkt de kunst van de aankomende exposanten heel verschillend. Maar wie beter kijkt, ontdekt mooie parallellen tussen de werken van Christel Groels, Karin van Paassen en Melan van Driel.

“EXPO 0174” doopten zij de tentoonstelling, daarmee verwijzend naar één van de eerste overeenkomsten tussen hen drie: het kengetal van hun woonplaats. De nieuwe expositie is van 11 februari tot 12 maart bij ons te bewonderen.

Christel Groels wist al vroeg wat ze wilde: een baan als interieurarchitect. “Dat was in die tijd iets exotisch”, vertelt ze. “Ik kreeg te horen dat ik dan maar timmerman moest worden”. Christel nam een omweg en ging op de kunstacademie architectonische vormgeving studeren.

In Kunsthuis18 toont ze porseleinen en keramische objecten aan het publiek. Pas later in haar leven kwam Christel in aanraking met de techniek van het werken met gebakken klei. “Vijftien jaar geleden nam een vriendin me mee naar een keramiekwerkplaats waar kunstenaars met ervaring met het materiaal aan de slag konden. Ervaring had ik op dat moment helemaal niet, maar dat is gelukkig goedgekomen”, lacht ze. Christel merkte dat kunstenaars bij de werkplaats met eerbied spraken over het werken met porselein. Dat ontzag intrigeerde haar en daagde haar uit om een (voor haar) nieuw materiaal uit te proberen.

Christel legt uit waarom werken met porselein zo bijzonder is: “Anders dan keramiek, dat bestaat uit rivierklei en relatief makkelijk te bewerken is, wordt porselein gewonnen uit steen. Die wordt verpulverd tot een poeder waar je water aan toevoegt. Porselein is niet zo elastisch als keramiek, het wordt nooit perfect en dat is juist zo mooi. Het materiaal heeft een geheugen en in de oven zie je pas wie er gewonnen heeft”. Waar anderen angstig opzien tegen het weerbarstige karakter van het porselein, spreekt Christel er bijna liefkozend over. Het is voor haar een uitdaging die vaak een verbluffend resultaat oplevert: “Het eindresultaat is voor een deel van mij en voor een deel van het materiaal. Het ligt er maar net aan hoe het mengsel zich laat bewerken”.

“Porselein wordt dun en transparant in de oven, maar is toch heel sterk, dat vind ik mooi”. Voor de expositie in Kunsthuis18 kiest Christel ervoor om veel porseleinen kunstwerken tentoon te stellen omdat dit mooi past bij het werk van Karin van Paassen: “Karins eierschalen en mijn porselein hebben verwantschap. Beiden ogen dun en kwetsbaar, maar zijn tegelijkertijd heel sterk”.

Bijzondere werken die in het Kunsthuis te zien zijn, zijn de objecten waarin vulkaanas is verwerkt. Op een reis naar IJsland bracht de kunstenares de as mee als souvenir. Haar dochter hielp haar aan aarde van een vulkaan in Nicaragua. Christel heeft al een uitdagend volgend project: uitvinden of de metaalsoorten in de verschillende aarden zich anders gedragen in het porselein.

Foto: Adriaan Backer

Ook Karin van Paassen wilde als kind al iets dat in haar omgeving als ongewoon gold: op reis. “Het kon me echt niet ver genoeg weg zijn. Die drang om de wereld te zien en oorspronkelijke bevolkingsgroepen te ontmoeten, komt niet bij mijn Westlandse familie vandaan. We hebben een Canadese tante die de National Geographic opstuurde, maar die belandde nadat ik hem had gelezen direct in de prullenbak”, vertelt ze. Maar exotische orden lieten Karin niet los, voor haar werk als organisator en initiator van culturele projecten en als curator is ze vaak weg en ook in de kunst zijn haar reizen haar grootste inspiratiebron.

Karin maakt kunstwerken van struisvogel- en emueieren en sieraden en refereert bij de bewerking hiervan aan andere eeuwenoude culturen uit Azië en Afrika. “De eieren versier ik met natuurlijke materialen, ik bewerk ze zoals eeuwenoude tribes huiden bewerken; bijvoorbeeld door erin te krassen. De eieren zijn sterk, je kunt er bijvoorbeeld niet in boren, maar ook fragiel, als ze vallen, spatten ze in duizend stukjes uiteen”.

Bij Kunsthuis18 stelt Karin ook zelfgemaakte sieraden tentoon. Die versieringen zijn altijd al haar passie geweest. Al vanaf haar achttiende verzamelt de kunstenares de mooiste sieraden uit andere culturen die nu gelden als inspiratiebron.

Het is pas vier jaar geleden dat Karin het gereedschap oppakte en zelf aan de slag ging. “Ik ben altijd met kunst bezig geweest, maar opeens begon het weer te kriebelen, ik had zoveel ideeën”. Toegewijd vertelt ze over haar werk: “Ik wilde iets doen met huidversiering. Ik begin heel associatief, het heeft niets geforceerds. Al werkend ontstaat er steeds meer. Mijn grote verzameling aan kralen, bedels en leer is een enorme bron om uit te putten”. Het bijzondere aan de materialen die Karin verwerkt in haar sieraden, is dat ze allemaal een eigen verhaal kennen: “Alles heb ik ooit zelf gekocht op een markt, in een land hier ver vandaan. Daarom is elke bouwsteen iets waardevols, iets emotioneels”. Maar ze haast zich om te zeggen dat bijzondere ingrediënten voor kunstwerken niet alleen te vinden zijn in verre oorden: “Mijn kunst is thuiskomen. Het is een mooie combinatie van iets uit een vreemde cultuur dat ik heb gekocht en van wat ik vind aan zee. Ik neem wat mee van ver en vind tegelijkertijd de mooiste dingen voor mijn deur”.

Melan van Driel studeerde in 2015 af aan de Willem de Kooning Academie. Tijdens haar studie heeft zij zich verder ontwikkeld in digitale illustraties. De rode draad in haar werk is vaak de samensmelting tussen mens en natuur. Haar kunstige talent heeft Melan van haar oma en vader: “Mijn oma zei altijd: ‘dat tekenen heeft ze van mij’ en ik was altijd in de weer met potloden en verf als ik bij haar was. Van mijn vader heb ik leren werken met olieverf. Een logische stap voor mij was om uiteindelijk naar het Grafisch Lyceum in Rotterdam te gaan Hele dagen tekenen en schilderen, leek me heerlijk!”

Bij Kunsthuis18 exposeert Melan illustraties van kenmerkende plekken in Naaldwijk, die ze speciaal voor deze tentoonstelling heeft gemaakt. Inspiratie hiervoor kwam van een eerder project: “Toen ik in Hoek van Holland woonde, heb ik een ansichtkaartenserie gemaakt van mooie plekken en gebouwen in Hoek van Holland, zoals de vuurtoren en de pier. Ik ben pas in Naaldwijk komen wonen en wilde voor deze expositie hetzelfde doen, maar dan met kenmerkende gebouwen van Naaldwijk. Ik plaats de gebouwen in sprookjesachtige setting en mede door het kleurgebruik hoop ik dat de kijker het gebouw op een andere manier gaat zien of het weer (opnieuw) kan waarderen. Door deze illustraties te maken merkte ik dat ik zelf ook gelijk meer een band kreeg met de gebouwen en Naaldwijk”.

Melan maakt haar illustraties op de computer. Digitaal illustreren ontdekte ze op het Grafisch Lyceum: “Daar kwam ik in aanraking met het programma Adobe Illustrator. Digitale illustraties geven oneindige mogelijkheden en daarom ben ik me hierin gaan ontwikkelen”. Ook tijdens haar vervolgopleiding aan de Willem de Kooning Academie bleef Melan bij het digitaal illustreren. En ergens vindt ze het wel jammer dat kwasten en potloden daardoor links blijven liggen: “Tekenen met potlood en schilderen probeer ik nu weer een beetje op te pakken”.

Zelf houdt Melan van uiteenlopende kunstwerken: van hyperrealisme tot abstracte kunst: “Kunstenaars die ik bewonder zijn Edward Hopper vanwege zijn lichtspel, Koen Lybaert vanwege zijn kleurgebruik, Berlinde de Bruyckere vanwege haar surrealistische sculpturen en Gottfried Helnwein vanwege zijn kritische boodschap in zijn schilderijen en foto’s”.